Archief

Alle berichten voor de maand oktober, 2016

Peuterspeelzaal

Gepubliceerd 31 oktober 2016 door draagmemmie

Als ik dit schrijf, zit ik op de bank. Ietwat weemoedig terug te kijken op de afgelopen twee en een half jaar. De twee en een half jaar van onze middelste. Wat is het weer voorbij gevlogen. Van superschattige baby met zijn mooie rooie krullen naar een eigenwijze peuter. Zonder krullen, met rood haar.

Dat terug kijken is niet voor niks. Morgen mag hij naar de peuter. Voor het eerst. Vanmiddag hebben we de intake gehad en morgen mag hij starten. Uiteraard blijf ik er eerst bij (misschien wel meer voor mezelf dan voor hem) en vinden we het beide erg spannend.

Ik ben zo benieuwd hoe hij het zal vinden. Of hij het leuk gaat hebben? Hij is zo lastig te peilen. Diepe wateren…  Thuis speelt hij graag met zijn broers, maar bij anderen is hij soms zo verlegen. Ik ben er ook altijd bij. Dit is de eerste keer bij vreemden. Voor mij ook lastig. Want hoewel het ongetwijfeld leuke leidsters zullen zijn, ik ken ze niet. Maar ik vertrouw ze wel een van mijn kostbaarste schatten toe.

Morgen mee draaien. Zo spannend. Ik hoop dat hij daar een enorm leuke tijd zal hebben. Vriendjes mag maken. Maar mocht hij het toch niet leuk vinden, om wat voor reden dan ook, dan houd ik hem toch nog lekker thuis. Het is geen moeten. Vind mem ook nog wel zo fijn…

En dan heb ik (op bepaalde dagen) nog maar één kindje thuis. Jemig, wat is dat hard gegaan. Wat zal het stil zijn op die dagen. Ik denk dat ik er niks aan zal vinden. Veel te rustig 😉 Maar ik geniet er nog maar van. Want de dag dat mijn jongste ook naar school gaat zal ook gaan komen. Sneller dan dat ik wil…

HET uur

Gepubliceerd 30 oktober 2016 door draagmemmie

Goed. Ik zal al vast waarschuwen. Dit wordt een klaagzang. Een groot klaagblog over hoe zwaar ik het heb. Hoe zielig ik ben.

Geintje natuurlijk. Maar klagen doe ik wel.

Want wie in vredesnaam heeft bedacht dat er in de herfst de klok  een uur terug moet? Diegene had geen kinderen, dat weet ik wel zeker. Het is vast een man geweest, die nemen beslissingen niet altijd met hun hoofd. Het was vast iets in de trend dat ‘ie dan langer euh, kon slapen…

Maar ik vind dat gedraai aan de klok maar niks. Het enige voordeel is dat de klok in mijn auto nu weer gelijk loopt. Ik draai er namelijk niet meer aan. Ieder half jaar voor of achteruit, pff, te vermoeiend. Dus loopt de klok in mijn auto maar een half jaar per jaar goed.

Maar dat uur terug. Waardeloos. Ik kan niet langer slapen hoor. Integendeel. Mijn kinderen trekken zich er niks van aan. Wat betekend dat ze om half vijf wakker worden. ik herhaal: HALF 5! Op Zondag! Dat zijn geen grapjes meer. Dat is een serieus probleem. Ondanks de zorgvuldige gewenning, de zorgvuldige planning en al dat soort onzin, is het biologische wekkertje van mijn kinderen zo sterk dat het gewoon de oude tijd af gaat. Wat nou wintertijd? Ammehoela. Op staan! Nu! Het maakt ons niet uit dat het haf vijf is. Het voelt bijna als 6. Ondanks onze protesten en uitleg dat het toch echt midden in de nacht is.

En om half 5 opstaan betekent ook dat de dag ietsje langer duurt. We willen ze natuurlijk persé in dat nieuwe ritme hebben. Iedere ochtend half 5 is ook weer zo wat. Maar zo’n extra lange dag gaat gepaard met extra veel gejengel. Want hey, we waren al om half vijf wakker. We zijn moe en willen eigenlijk nu op bed. Maar dat mag niet. Dat nieuwe ritme he…

En dat nieuwe ritme komt er wel. Ik heb er alle vertrouwen in. Waarschijnlijk vlak voordat de zomertijd in gaat… En dan beginnen we weer van voor af aan. Maar dan andersom. Moeten we ze wakker maken. Dan zijn ze moe omdat ze te kort hebben geslapen. En als dat er eenmaal lekker in zit, start die wintertijd weer.

Kortom, wat mij betreft mogen ze die zomer-wintertijd af gaan schaffen. Ik zie het nut totaal niet. Heb er alleen maar flink last van…
Ik kijk met angst uit naar komende week. Als je iemand ziet lopen met de wallen tot op haar knieën en een humeur om te schieten, dat ben ik… 😉

Het ‘5-uur moment’

Gepubliceerd 29 oktober 2016 door draagmemmie

Bijna iedere moeder die ik spreek , kent het moment. Het moment dat de kinderen vermoeid worden van een dag spelen, of met wat pech, van een dag jengelen. Het moment dat ze honger krijgen. Dat het spel allemaal niet meer wil vlotten, dat ze elkaar niet zo leuk meer vinden en mem al helemaal stom is.

Dát is het moment dat er eten gekookt moet worden. Dat ik dan nog bedenk dat we eigenlijk moeten opruimen. Want die duplo-blokken op de grond doen best pijn aan mijn poezelige voetjes. Die auto’s racen inmiddels niet meer, maar zorgen wel voor ongelukken. En dan heb ik het nog niet eens gehad over de houten treinbaan. Het ideale slaginstrument of gooiwapen. Serieus! Heb je wel eens zo’n ding tegen je hoofd gehad? Dat. Doet. Pijn! En als je vervolgens op een duplo-blokje stapt, dan kun je wel spontaan in een huilbui uitbarsten. Net als je kinderen overigens. Want hey, het is 5 uur. Ze zijn moe en ze hebben HONGER!

Die huilbui gaat dus even niet. Ik verbijt mijn tranen en zet door. Aardappelen schillen, ondertussen vliegende spoordelen ontwijkend, kinderen corrigerend en m’n tranen verbijtend. Terwijl ik mijn kinderen verbied te gooien met dingen die daar niet voor bedoeld zijn, hoor ik mijn oudste roepen; “Mem is stom!” (en bedankt hé!) Mijn middelste is het daar, uiteraard, roerend mee eens. Volmondig “ja” komt er uit zijn mondje.

Terwijl ik naar de klok kijk (is het al bijna bedtijd?) zie ik dat het ook nog wel een poosje duurt totdat mijn man thuis komt. Ondertussen nog steeds vliegende voorwerpen ontwijkend, zet ik de kinderen aan tafel. Dat resulteert bij één in een huilbui. “Ik wihil niehiet op die stoel, ik wil die andere” en de ander raakt toch ietwat gepikeerd dat ik hem nogmaals verbied te gooien en sommeer aan tafel te gaan. “Mem is stom” Maar dat wist ik al.

Eenmaal aan tafel beginnen ze elkaar te plagen, “Memmie, hij zit op mijn helft” Ik kies eieren voor mijn geld en zet de laptop voor hun neus. Buurman en buurman aan. (Lang leve YouTube!) Het wordt stil. Ik geef ze wat drinken en een stuk komkommer. Rust!

Ik ga verder met het eten. Ondertussen ruim ik de rotzooi op. De kinderen zitten rustig, voor zo lang het duurt. Maar voor alle zekerheid haal ik al die levensgevaarlijke dingen weg. Dat dit speelgoed genoemd mag worden, vind ik nog steeds verbazingwekkend. 😉

Maar dat ‘5-uur moment’ dat is niet mijn favoriete tijd van de dag. Hebben jullie ook zo’n moment?

 

 

  • Dit stuk is geschreven met een dikke vette knipoog 😉

 

huilen

Gepubliceerd 22 oktober 2016 door draagmemmie

Laten huilen, wel of niet… Een discussie die momenteel flink leeft. De een doet dit wel, de ander dit niet. En een ieder heeft zo zijn redenen om het wel of niet te doen. Ieder heeft zijn eigen methode.

Ik doe het niet. Ik pak mijn kindje op, of laat hem weten dat ik er ben als hij huilt. Niet te verwarren met het feit dat hij niet mág huilen. Dat mag wel. Hartstikke goed juist, dat je je pijn, verdriet of ongenoegen kunt uiten. Maar, net zoals ik ook liever niet alleen ben als ik me rot voel, laat ik mijn kinderen ook niet alleen. Ik laat ze zien dat ik er voor ze ben. Dat ze op me kunnen rekenen als ze verdriet hebben. Dat ik ze hóór.

“laat maar huilen, daar krijgt ‘ie sterke longen van” is iets wat ik vaak hoor. Vooral van wat een oudere generatie. Dat is totaal niet waar. Natuurlijk is het niet heel erg dat je je kindje eens laat huilen. Maar als je dit structureel doet, voet het kindje zich niet gehoord. Papa en mama komen toch niet. Ik hoef niet meer te huilen. Mensen noemen dit opgeven, en dat is in zekere zin ook wel zo. Alleen niet op de manier waarop zij dit bedoelen. Het kindje voelt zich alleen en overgeleverd. Er is ooit een onderzoek gedaan. Ze lieten baby’tjes huilen. Op een gegeven moment stopte dit. De verzorgers kwamen immers toch niet. De kindjes raakten apathisch en stierven in het meeste ernstige geval uiteindelijk.

Wanneer iemand huilt, ook bij grote mensen, heeft bijna iedereen de neiging om te gaan troosten. Maar wanneer een baby huilt, vinden sommige mensen het goed om hem te laten huilen, anders zou hij maar verwend raken. Het tegendeel lijkt waar te zijn. Kinderen die meteen getroost worden, huilen minder en stoppen eerder met huilen.

Ik geloof dat een kindje, hoe klein ook, niet voor niks huilt. Dat hij alleen op die manier iets duidelijk kan maken. Honger, vieze luier, moe, krampjes of overprikkeling. Dat laatste is moeilijk te herkennen. Men heeft snel de neiging om hem dan te laten huilen. Maar juist dan hebben ze de troost en liefde van hun ouders nodig. Je verwent je kindje niet door hem te troosten. Je geeft hem liefde. En kun je ooit teveel liefde geven?

Een kind raakt dus niet verwend als de ouder reageert op zijn signalen. De baby leert daardoor juist dat zijn ouders er voor hem zijn. Door deze ervaring ontstaan verbindingen in de hersenen die ervoor zorgen dat de baby basisvertrouwen opbouwt. Bovendien zorgen die verbindingen ervoor dat hij op latere leeftijd juist beter met stressvolle situaties kan omgaan.

Huilen veroorzaakt een stijging van de cortisolspiegel in het lichaam. Cortisol is een hormoon dat wordt aangemaakt door stress. Als de cortisol spiegel vaak of lang verhoogd is, heeft dat nadelige invloed op de hersenontwikkeling van de baby. Cortisol is een week lang in het bloed terug te vinden. Dus een flinke huilbui is een week later nog terug te zien in het bloed van het kindje….

En natuurlijk zijn de kinderen die men destijds liet huilen goed terecht gekomen. De mens heeft een groot herstellend vermogen. Maar ik spreek dat herstellend vermogen het liefst zo min mogelijk aan 😉
Ik hoop dat mijn kinderen opgroeien tot stabiele, zelfstandige en liefdevolle volwassenen die het gevoel hebben dat ze altijd op me kunnen rekenen. Die zich, ten alle tijde, gehoord voelen.

 

***Edit; Ik veroordeel niemand over zijn of haar keuze met betrekking tot het opvoeden. Ieder heeft zijn eigen ideeën over het opvoeden van zijn kind(eren) en doet dit met zijn beste kunnen. Ik wil met dit artikel alleen uitleggen waarom IK er voor kies om mijn kinderen niet te laten huilen. Óók omdat ik hier regelmatig vragen over krijg. ***

 

heitenmem.nl

Gepubliceerd 22 oktober 2016 door draagmemmie

Zo nu en dan schrijf ik, in het Fries, voor de heitenmem. Ik hou onwijs van schrijven, stukjes bedenken, en als daar dan leuke reacties op komen.. Nou dat is natuurlijk helemaal leuk. Ik plaats vooral op mijn eigen blog, maar daar is mijn bereik natuurlijk veel kleiner dan een regionaal blad.

Maar naast dat ik voor heitenmem schrijf, vind ik hun ook een heel erg leuk blad. Alles in het Fries, gericht op kinderen en gratis. Top! Ik haal het dan ook zeer regelmatig bij de Bibliotheek. Zo ook vandaag. Ik sla het blad open en wat zie ik daar; mijn stukje! Zo ontzettend leuk.

Het is een gedicht wat ik, eerst in het Nederlands, heb geschreven na de aanslagen in Brussel. Destijds op mijn eigen facebookpagina geplaatst, toen werd er al massaal gedeeld, wat ik nooit had verwacht. Daarna heb ik het stukje vertaald naar het Fries. En nu staat het gewoon in een tijdschrift!

 

foto heitenmem.jpg

vanaf wanneer kun je je kindje dragen?

Gepubliceerd 21 oktober 2016 door draagmemmie

Vanaf wanneer mag ik dragen?

Ik krijg vaak de vraag. Wanneer mag een baby in de doek? Mag dit direct, of moet hij wat groter zijn?

Er van uitgaande dat er geen complicaties zijn, mag een kindje direct vanaf de geboorte in de doek. Of dit lukt is een tweede vraag en hangt van jouw herstel af. Ik heb vrouwen gezien die hun kindje binnen een paar uren na de bevalling in de doek hadden. Andere vrouwen wachten er liever eventjes mee. Omdat het pijn doet, omdat ze te moe zijn, of om welke geldige reden dan ook.  

Sommige kindjes zijn te vroeg geboren en hebben een verlaagde spiertonus. Deze kindjes kunnen veel baadt hebben bij een goed geknoopte geweven doek als ze eenmaal uit het ziekenhuis komen. Deze doek moet echter wel goed geknoopt zijn. Het is raadzaam om een consulente te raadplegen.

Het ene kindje is groter dan de ander. Maar ieder kindje kan in principe direct gedragen worden. Een geweven doek past altijd. Dragers daarentegen niet. Helemaal dragers met een insert. Een insert is in mijn ogen een compromis. Een geschikte drager vanaf geboorte is de storchenwiege.

Ik zit, als draagconsulente maar vooral als trotse moeder, op verschillende facebookpagina’s over dragen. Ik vind het leuk om andere moeders met hun kindjes te zien en daar waar nodig eventueel tips te geven.

Ik zie heel vaak de vraag voorbij komen over dragen na een keizersnede. Wanneer kan dit? Mag dit? Ik voelde de behoefte om er een stukje aan te wijden.

Dragen na een keizersnede mag, mits je arts iets anders heeft gezegd, direct vanaf de eerste dag. Je mag immers het gewicht van je baby’tje dragen. De praktijk wijst uit dat je dan vaak nog wat wankel bent door de medicijnen en de ruggenprik die je gehad hebt.  Ik raad het dan ook niet aan. Je wilt niet vallen met het kindje op je buik. Zodra je zelf goed kunt lopen, kun je dragen.

Wanneer je wel kunt dragen is voor iedere moeder verschillend. De een voelt zich na een paar weken in staat om een doek om te knopen, terwijl de ander dit vrijwel direct kan doen. Ikzelf herstelde wonderbaarlijk snel van mijn keizersneden en kon vanaf dag twee al dragen. Een vriendin van mij durfde het na drie weken aan. Toen voelde zij zich voldoende hersteld, terwijl weer een ander de doek na twee maanden uit de kast haalde.

Het herstel is per vrouw verschillend, je kunt je voorstellen dat zodra jij je goed voelt je kunt gaan dragen. Luister naar je lijf. Doet het dragen erg veel pijn, stop dan en probeer het later nogmaals. Voel je ook niet schuldig als het niet lukt. Het komt vanzelf. Leg je kindje dan lekker bij je op je buik, dat is hetzelfde contact.

 

Pake en beppe

Gepubliceerd 19 oktober 2016 door draagmemmie

Ze zijn al een poosje overleden, mijn pake en beppe, maar zo nu en dan komt het gemis ineens binnen. Ik kwam er regelmatig. Reed zo nu en dan langs. Toen ze vlakbij woonden liep ik langs. Eerst bij beide, later alleen bij Pake.

Vlak nadat mijn man mij ten huwelijk vroeg, hoorden we dat beppe erg ziek was. Ik heb haar mijn trouwjurk nog kunnen laten zien. Met tranen in mijn ogen. Wetende dat het niet lang meer zou duren. Wetende dat zij niet bij mijn huwelijk aanwezig zou zijn. Ze vond hem prachtig. Maakte zich zorgen dat de jurk vies zou worden. Een paar dagen later overleed ze.

Mijn pake was er wel bij. Maar hij werd snel minder. Hij miste zijn vrouw. Was in de war. Hij moest verhuizen, wat hem geen goed deed. Ik hoopte intens dat hij mijn kinderen zou leren kennen. Net zoals ik dat bij mijn beppe nog hoopte. Maar helaas, het lot was ons niet gunstig gezind. Hij overleed vlak voordat ik zwanger werd.

Wat had ik dat graag met hun gedeeld. Ze wisten dat we graag kinderen wilden. Maar ze hebben niet mee mogen maken dat het ons toch gegund is. Ze waren erg gelovig en zouden voor ons bidden. Ik denk dat dit zeker heeft geholpen!

En nu zijn ze al een paar jaar niet meer bij ons. Ik mis ze. Ik denk heel vaak om even bij ze langs te rijden met de jongens. Ik stel me voor dat ze dit prachtig hadden gevonden. Dol op kinderen waren ze. Lekker dollen en gek doen. Ze een dikke ijsco geven. Paardje rijden op pake’s knie. Ik weet bijna zeker dat mijn jongens ook dol op hun waren geweest.

Toen ik klein was, ging ik er regelmatig logeren. Samen met neefjes en nichtjes. Alles mocht en alles kon. Voor een meisje zonder broertjes of zusjes was dit fantastisch! Ik denk met veel plezier terug aan die tijd. Boodschappen doen met pake, de voeten in de fietstas. Afwassen met beppe en dan lekker ‘grieme’. Fantastisch!

Later zat ik met hun aan tafel. We bespraken vanalles en ook weer helemaal niks. Ik deed wel eens een boodschapje voor ze of ging even stofzuigen. Ze hadden een groot verdriet om de dood van hun zoon, mijn oom. Beppe raakte steeds vergeetachtiger. Maar ze bleef belangstellend. Ik kwam er graag.

Ik ben intens dankbaar dat ik hun míjn pake en beppe mag noemen. Dat deze bijzondere en ontzettend lieve mensen mijn grootouders waren. Ik koester de herinneringen. Draag ze mee in mijn hart. En ik probeer een beetje te leven in hun gedachtengoed. Lief zijn voor de medemens. Klaar staan voor een ander. Ze waren goede leermeesters, maar ik had graag nog iets langer les gehad…